Meer methaan in de tropen

Uit satellietmetingen blijkt dat de concentratie van het broeikasgas methaan in de tropen veel hoger is dan tot nu toe werd aangenomen. Het is voor het eerst dat methaanconcentraties vanuit de ruimte wereldwijd zijn gemeten.

De meetgegevens zijn afkomstig van Envisat, ‘s werelds grootste milieusatelliet. Aan boord van deze 8140 kilogram wegende kolos bevindt zich het Nederlands-Duitse instrument Sciamachy, dat de samenstelling van de ozonlaag meet. Met behulp van infrarooddetectoren meet het instrument gassen in de atmosfeer zoals methaan en koolmonoxide.

De methode waarmee de methaanconcentraties worden bepaald, is nieuw. Deze worden niet direct gemeten, maar afgeleid uit het door de aarde teruggekaatste zonlicht. Methaan absorbeert namelijk een deel van de zonnestraling in nabij-infrarood. Op basis van de meetgegevens hebben het Institut für Umwelt Physik van de Universiteit Heidelberg en het KNMI een rapport over de mondiale methaanconcentraties uitgebracht dat donderdag is verschenen in het wetenschappelijke tijdschrift Science Express.

De metingen bevestigen in grote lijnen de verwachte verdeling van methaan in grote delen van de wereld, behalve in de tropen. Daar blijken de concentraties methaan op veel plaatsen hoger dan op basis van computerberekeningen bekend was. Onbekend is waar de hogere uitstoot van methaan in de tropen vandaan komt. Na kooldioxide is methaan het belangrijkste broeikasgas dat door menselijke activiteiten wordt uitgestoten. Meer dan de helft van de uitstoot wordt veroorzaakt door menselijk handelen.

Belangrijke aan mensen rerelateerde bronnen zijn de rijstproductie, veelteelt, afvalwater, lekke gasleidingen en steenkoolwinning. Behalve methaan en koolmonoxide meet instrument Sciamachy ook andere broeikasgassen, zoals ozon, stikstofoxiden, broomoxide, chlooroxiden, waterdamp, kooldioxide, lachgas en formaldehyde. Daarnaast meet het instrument ook stofdeeltjes en wolken. De metingen maken het mogelijk broeikasgassen te detecteren, wat in de toekomst van belang kan zijn om internationale klimaatafspraken vanuit de ruimte te controleren.