Wetenschappers ontwikkelen kunstmatig leven

Een groep wetenschappers verwacht dat er binnenkort kunstmatig leven gecreëerd kan worden. Wetenschappers van over de hele wereld zijn al tijden bezig om vanuit het niets leven te creëren. De verwachting is dat dit over maximaal tien jaar gaat lukken.

Voor het creëren van zogenaamd ‘synthetisch leven’ zijn volgens Bedau drie zaken van belang. Ten eerste moet er een container of membraam komen dat de slechte cellen uitsluit en goede cellen vermenigvuldigt. Daarnaast moet er een genetisch systeem komen dat de taken van de cellen controleert en in kan spelen op veranderingen in de omgeving. Tot slot is van groot belang dat er een stofwisselingsproces op gang wordt gebracht. Ruwe materialen moeten in dit systeem omgezet worden in energie.

Volgens een leiders van het onderzoek naar kunstmatig leven, Jack Szostak, moet er binnen een half jaar bewijs zijn dat het maken van een membraam dat goede cellen opslaat en slechte weert, te verwezenlijken is. Ook het creëren van een systeem dat de taken van cellen coördineert, moet volgens de geleerde te doen zijn. Zijn idee is dat het membraam een soort Darwin-achtige functie krijgt. In het membraam moeten de cellen de wetten van de evolutie volgen. Szostak: “We zijn niet slim genoeg om dit soort dingen te ontwerpen, we laten de evolutie zijn werk doen.”

De biologische chemicus Steve Benner, van Foundation for Applied Molecular Evolution is wat cynisch over de levensvatbaarheid van kunstmatige leven. “Als dit leven is gemaakt, zal het zo zwak zijn, dat er in het laboratorium een gigantische inspanning moet worden geleverd om het maar een uur in leven te houden.”