Aarde had vroeger een dikkere atmosfeer, of toch niet?

Uit een onderzoek van Japanse wetenschappers blijkt dat de oceanen van onze planeet aarde mogelijk niet afkomstig zijn uit de buitenste regionen van ons zonnestelsel. De Japanners geloven dat een dikke atmosfeer van zware waterstof reageerde met zuur- en waterstofmoleculen op het oppervlak, waardoor er meren en zeeën werden gevormd. Deze gebeurtenis was essentieel voor het ontstaan van levensvormen.

De meeste wetenschappers denken dat onze planeet erg warm en droog was na zijn geboorte. Theorieën suggereren dat miljoenen kometen en asteroïden die rijk waren aan water ons thuis bombardeerden zo’n 3,8 miljard jaar geleden. Dat zou een logische verklaring kunnen zijn voor de aanwezigheid van oceanen op aarde.

Een computermodel dat is opgesteld door het team toont aan dat de dikke atmosfeer in het verleden mede tot stand is gekomen door het feit dat de baan van de aarde rond de zon vroeger veel uitgerekter was. Omdat deze baan langzamerhand weer ronder is geworden, is de dikke atmosfeer van waterstof verdwenen.

Het klinkt allemaal logisch, maar sommige wetenschappers zeggen dat het idee over een dikke atmosfeer alweer op losse schroeven is komen te staan. Volgens hen zou het water op aarde juist wél afkomstig zijn uit de ruimte, omdat er veel deuterium (zwaar water) op onze planeet aanwezig is. Dit is ook het geval op kometen en asteroïden. Een dikke atmosfeer zou er niet voor gezorgd kunnen hebben dat het grootste deel van de aarde werd bedekt met oceanen met zwaar water.

De Japanners zeggen dat dit te verklaren is. Omdat waterstof namelijk lichter is dan zwaar water, zou de dikke atmosfeer van de aarde gedurende de afgelopen 3,8 miljard jaar langzaam opgelost zijn in de ruimte. Slechts een klein deel van de atmosfeer zou ervoor gezorgd hebben dat de aarde gevuld werd met water. Maar hoe kan het dan dat er zoveel water op aarde is? Wie weet is het water wel zowel afkomstig uit de ruimte als van onze eigen planeet.