Straal van jonge ster vernietigt water

Met observaties die zijn uitgevoerd door de Spitzer Space Telescope is er water ontdekt in een wolk van gas en stof rond een pasgeboren ster. Dat is op zichzelf al interessant, maar opvallender is dat het water stuk geknald wordt door duizend jaar oude stralen die de protoster uitstoot. Tot verbazing van onderzoekers stuitte de spectrometer van de ruimtetelescoop op tollende fragmenten van watermoleculen, die ook wel hydroxylen worden genoemd. De ontdekking kan ons mogelijk meer vertellen over de chemische processen die water en leven mogelijk maken.

Een jonge ster wordt geboren uit een dikke, roterende wolk van gas en stof. Aan de boven- en onderkant van de schijf wordt tijdens dit proces een grote hoeveelheid gas uitgestoten. Naarmate de tijd verstrijkt krimpt de wolk onder invloed van zijn eigen zwaartekracht en begint de ster te ontbranden doordat er een kernreactie optreedt. Het overblijfsel is een platte schijf die bestaat uit een ontelbaar aantal deeltjes, welke later planeten zullen vormen. De resultaten tonen aan dat de straal van deze protoster met zo’n hoge snelheid in botsing komt met de muur van materiaal dat er een schokgolf ontstaat die vervolgens ultraviolette straling genereert. Hierdoor worden de watermoleculen verhit en blijven er hydroxylen achter.

Volgens Achim Tappe van het Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics in de Verenigde Staten vindt hetzelfde proces plaats in ons eigen zonnestelsel wanneer ijs bevattende kometen de zon naderen. Er wordt zelfs verondersteld dat het water dat op onze planeet stroomt afkomstig is van ijzige kometen, waarvan verdampte ijsdeeltjes uitregenden over de jonge aarde. De ontdekking zorgt ervoor dat men beter kan begrijpen wat er gebeurt met water – een belangrijk ingrediënt voor het leven – in andere planetenstelsels. De snelheid waarmee de fragmenten die gezien werden door de telescoop ronddraaien komt overeen met de energie die gelijk is aan bijna 28.000 graden Celsius.