Melkweg wordt aangetrokken door mysterieuze kracht

Enkele weken geleden werd bekendgemaakt dat er een ‘donkere stroom’ van onzichtbare materie was ontdekt in het heelal die ervoor zorgt dat een bepaald aantal clusters van sterrenstelsels met een hogere snelheid richting de rand van het universum bewegen. Maar nu heeft men hier ook bewijs van gevonden bij iets wat zich dichter bij huis bevindt: het melkwegstelsel. Een team van onderzoekers heeft namelijk ontdekt dat een vierhonderd miljoen lichtjaar groot deel van de interstellaire ruimte waar wij ons in bevinden niet met dezelfde snelheid beweegt als de rest.

Met andere woorden: de uitdijing in de ene helft van de hemel verloopt sneller dan in de andere. “We verwachtten dat de uitdijingssnelheid op steeds grote schalen ongeveer gelijk was, maar dat blijkt niet het geval te zijn,” verklaarde onderzoeker Mike Hudson van de Universiteit van Waterloo in Canada. Indien de resultaten bevestigd worden, moet het standaard kosmologische model mogelijk voor een deel herzien worden. Aangenomen wordt namelijk dat het heelal gelijkmatig uitdijt, wat ervoor zorgt dat de afstand tussen sterrenstelsels geleidelijk groter wordt – iets wat ook wel de ‘Hubble-flow’ wordt genoemd.

Desondanks is men al lange tijd op zoek naar het antwoord op de vraag waarom de Lokale Groep van stelsels, waar onze Melkweg en het Andromedastelsel ook deel van uitmaken, een afwijkende snelheid van zeshonderd kilometer per seconde heeft ten opzichte van de zogeheten kosmische achtergrondstraling. Maar nu blijkt dat slechts vijftig procent van de sterrenstelsels in deze groep sneller beweegt richting de rand van het heelal dan de rest. Volgens de onderzoekers moet deze afwijking veroorzaakt worden door enorme, tot nu toe nog niet ontdekte structuren in het universum.

“Als het werk van Hudson en zijn collega’s bevestigd wordt, zal het onderzoek ervoor zorgen dat onze denkbeelden over de oorsprong en de evolutie van het heelal drastisch veranderd moeten worden,” zei Brian McNamara van de Universiteit van Washington. De vraag is nu: bevinden de structuren die deze afwijking veroorzaken zich in ons eigen universum of daarbuiten?