ESO legt reusachtige sterrenfabriek vast op de gevoelige plaat

De Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO) heeft een nieuwe opname van de Trifidnevel vrijgegeven die laat zien waarom het object beslist een favoriet is van zowel professionele als amateur-astronomen. Het actieve stervormingsgebied wordt zo genoemd vanwege de donkere lanen die het goed zichtbare hart van de nevel doorkruisen. Aangezien delen hiervan ineenstorten wordt er om de haverklap het leven geschonken aan een nieuwe ster. De warmte en stellaire winden van deze pasgeboren sterren maken van het door gas en stof gekenmerkte gebied, dat zich op enkele duizenden lichtjaren in het sterrenbeeld Sagittarius bevindt, een waar schouwspel, zowel voor het netvlies als de sensor.

De bekende in Frankrijk geboren astronoom Charles Messier observeerde de nevel voor het eerst. In juni 1764 stuitte hij op een wazig, gloeiend object dat later opgenomen zou worden in zijn catalogus als nummer twintig. Waarnemingen die zo’n zestig jaar later werden uitgevoerd door John Herschel toonden aan dat er donkere stofbanden in de nevel te vinden waren die de kosmische wolk in drie delen lijken te verdelen. Iemand die de nevel vanaf een donkere plek door een telescoop bekijkt kan dat beamen.

Nu, enkele eeuwen later, heeft een 2,2-meter telescoop van het observatorium La Silla in het noorden van Chili het object ook onder de loep genomen. De grootste sterren in de nevel zijn verantwoordelijk voor het warme, blauwe deel van het zichtbare spectrum, terwijl de rozeachtige kleuren afkomstig zijn van waterstof dat in het centrum van de sterrenfabriek te vinden is.

Klik op de afbeelding voor een grotere versie (194 kB).

phot-30b-09l

1 reactie

  • Patrick

    28 augustus 2009

    Dat is dan wel vaag, als deze nevel favoriet is bij professionele als amateur astronomen, waarom is Hubble, toch al bijna 20 jaar beschikbaar, nooit op deze nevel gericht?

Een reactie plaatsen is niet meer mogelijk.