Browse Tag: Asteroïde

Grote asteroïde passeert aarde aan het einde van het jaar

In november dit jaar zal één van de grootste potentieel gevaarlijke asteroïden die rondzweven in het zonnestelsel – als het gaat om de kans op een botsing met de aarde – onze planeet op een betrekkelijk kleine afstand passeren. De afstand tussen de aarde en de asteroïde 2005 YU55, een rots met een diameter van vierhonderd meter, bedraagt op 8 november slechts iets meer dan driehonderdduizend kilometer, wat overeenkomt met 0,85 keer de afstand tussen onze planeet en de maan.

Asteroïde vormt mogelijk gevaar voor de aarde in 2182

Onderzoek heeft uitgewezen dat er een kans van één op duizend bestaat dat de potentieel gevaarlijke asteroïde 1999 RQ36 ooit in botsing zal komen met de aarde. Meer dan de helft van deze kans duidt op een inslag in het 2182, zo blijkt uit een studie waarin Spaanse, Italiaanse en Amerikaanse onderzoekers betrokken zijn geweest. De totale kans op een impact van het 560 meter grote ruimterots is 0,00092, terwijl de helft van deze kans – 0,00054 om precies te zijn – in verband staat met 2182.

Artistieke impressie van asteroïde die de aarde passeertDe onderzoekers hebben de potentiële inslagen voor deze asteroïde tot 2200 aan de hand van wiskundige modellen weten te bepalen. De baan van het in 1999 ontdekte hemellichaam werd eerder aan de hand van 290 optische observaties en dertien radarobservaties in kaart gebracht.

Er bestaat echter nog enige onderzekerheid door de invloed van het zogeheten Yarkovsky-effect. Dit effect, dat vernoemd is naar de Russische ingenieur Yarkovsky, beschrijft hoe een asteroïde stuwkracht verkrijgt van thermale straling dat het uitstoot vanaf de nachtkant. Over enkele honderden jaren gezien kan dit effect een wezenlijke invloed hebben op de baan van het object.

De inslag van een ruimterots van deze grootte zou een behoorlijke catastrofe kunnen veroorzaken in de omgeving van de plek van inslag. Volgens onderzoekster María Eugenia Sansaturio van de Universiteit van Valladolid in Spanje kan een realistische procedure waarbij 1999 RQ36 gedeflecteerd wordt en de baan van de asteroïde verstoord wordt alleen in 2080 en, nog beter, vóór 2060 uitgevoerd worden. Na 2080 zou het volgens haar te moeilijk zijn om het object te deflecteren. “Indien de asteroïde na 2080 ontdekt zou zijn, zou de deflectie een technologie vereisen die op dit moment niet onze beschikking is.”

Eind goed al goed voor probleemkind Hayabusa?

Iets meer dan vier jaar geleden, om precies te zijn op 29 november 2005, landde een Japanse ruimtesonde genaamd Hayabusa op een kleine asteroïde in de hoop monsters van diens stoffige oppervlak te bemachtigen en deze terug te brengen naar de aarde. Mocht de missie volgens plan zijn verlopen, dan zou het materiaal van asteroïde 25143 Itokawa onze planeet in juni 2007 bereikt hebben. De vlucht van Hayabusa, Japans voor ‘valk’, verliep echter minder gesmeerd dan gehoopt.

Het vaartuig ging bijna verloren op het moment dat het een ‘touchdown’ probeerde te maken als gevolg van een reeks storingen die de sonde eigenlijk de verdoemis in had moeten helpen. Ondanks het feit dat Hayabusa met een groot brandstoflek en een accu die niet functioneerde kampte en twee maanden niets van zich liet horen, hield het vaartuig het echter vol. Niet veel later begaf het systeem dat het ‘gedrag’ van de ruimtesonde moet controleren het. Het feit dat drie van diens vier op xenon aangedreven motoren het ook begaven, betekende dat het drie extra jaren in beslag zou nemen om het gebrekkige vaartuig huiswaarts te laten keren.

Hayabusa is nu bijna thuis. Volgens projectleider Jun’ichiro Kawaguchi is de laatste nog functionerende motor van de sonde op 27 maart jongstleden uitgeschakeld. De motor heeft er in het afgelopen jaar voor gezorgd dat het vaartuig met een snelheid van vierhonderd meter per seconde in een baan die onze planeet op enkele duizenden kilometers zal naderen is beland. “Wat resteert is een reeks baancorrecties,” legt Kawaguchi uit, “en het team dat zich bezighoudt met de missie is bezig met het treffen van de laatste voorbereidingen hiervoor.”

Medio juni zal een kleine, achttien kilogram wegende capsule zich van het ‘moederschip’ scheiden en de dampkring boven het zuidelijke centrale deel van Australië binnendringen. Het grotere vaartuig zal vervolgens een manoeuvre uitvoeren om te voorkomen dat het ook in botsing komt met de aarde. De capsule zal de atmosfeer met een snelheid van circa 12,2 kilometer per seconde betreden en moet vervolgens met behulp van een parachute onder een donkere sterrenhemel zien te landen in een gebied van honderd bij vijftien kilometer.

De missie van Hayabusa lijkt een happy end te krijgen als alles voorspoedig verloopt in de komende twee-en-een-halve maand. De onderzoekers van de Japanse ruimtevaartorganisatie JAXA willen echter niet te vroeg juichen. Het is namelijk lang niet zeker dat de veertig centimeter grote capsule daadwerkelijk monsters van de asteroïde in kwestie bevat. Hoewel men weet dat Hayabusa dertig minuten lang op het oppervlak van Itokawa heeft gezeten, is het nog maar de vraag of de instrumenten van het vaartuig materiaal van de asteroïde bijeen hebben weten te schrapen.

Laten we duimen.

Deels holle Marsmaan staat weer even in de belangstelling

De eigenaardige Martiaanse maan Phobos zal met ingang van vandaag weer verschillende keren bezocht worden door de Europese ruimtesonde Mars Express. Op woensdag 3 maart aanstaande nadert het vaartuig het oppervlak van de maan het dichtst; de afstand tussen het tweetal bedraagt dan slechts vijftig kilometer. Onderzoekers hopen dat de gegevens die verzameld worden tijdens de flyby’s een helpende hand kunnen bieden bij het bepalen wat de oorsprong van de mysterieuze maan is. Niet alleen diens vorm, maar ook het feit dat uit metingen naar de dichtheid van Phobos blijkt dat het object deels hol is, maakt de maan een interessant onderzoeksonderwerp.

De passages bieden een unieke mogelijkheid om extra wetenschappelijk onderzoek te doen met Mars Express, een ruimtevaartuig dat ontwikkeld was om louter onze buurplaneet te bestuderen. Omdat de ruimtesonde zich in een elliptische en polaire baan bevindt met een maximale afstand van circa tienduizend kilometer van de rode planeet, slaat men Phobos normaal gezien over. Dankzij enkele manoeuvres nadert het vaartuig de maan tot eind maart echter tot op verschillende afstanden, die variëren van enkele honderden kilometers tot de eerder genoemde vijftig kilometer. Na 26 maart zal de aandacht weer op Mars gevestigd worden.

Vooral de flyby waarbij Mars Express de maan het dichtst nadert is van groot belang voor onderzoekers. Op die afstand zou de ruimtesonde verschillen moeten voelen in de sterkte van de aantrekkingskracht van Phobos. Met behulp van de gegevens die hiervan verzameld zullen worden, is men in staat om de inwendige structuur van de maan in kaart te brengen. Aan de hand daarvan hopen onderzoekers te kunnen bepalen wat de oorsprong van Phobos is. Er zijn drie mogelijkheden: de eerste is dat de maan een ingevangen asteroïde is, de tweede is dat het op hetzelfde moment als en in het bijzijn van Mars werd gevormd en de derde houdt in dat de maan ontstond uit materiaal dat vrijkwam bij een meteorietinslag op onze buurplaneet.