Browse Tag: Vroege universum

Meest massieve verafgelegen object ooit ontdekt

Een team van onderzoekers heeft het meest massieve verafgelegen cluster, het 1,3 duizend biljoen zonnemassa’s wegende object SPT-CLJ2106-5844, tot op heden gevonden. Met deze massa, ruim duizend keer groter dan die van de Melkweg, is het cluster het meest massieve object dat tot op de dag van vandaag is ontdekt in het verafgelegen deel van het universum. Er bestaan dan wel enkele andere clusters die nog veel massiever zijn, maar omdat deze op een veel kleinere afstand van ons verwijderd zijn, hebben ze miljarden jaren langer de tijd gehad om materie te ‘verorberen’ en aan massa te winnen.

Sterrenstelsels kunnen niet op één manier, maar twee manieren groeien

Tot voor kort werd verondersteld dat botsingen tussen sterrenstelsels de enige manier waren waarop deze konden groeien. Maar nieuw bewijs dat is verzameld door een team van onderzoekers doet de suggestie wekken dat ook iets anders de meeste de stelsels kan hebben beïnvloed, en wel op een iets minder verstorende manier. Het beantwoordt mogelijk de vraag waarom de massa van de meeste stelsels binnen enkele miljarden jaren na de oerknal sterk toenam.

Enorme explosie was laatste zucht van zeer massieve ster

Een enorme explosie die in 2007 gezien werd in een relatief nabijgelegen dwergstelsel was de dood van één van de meest massieve sterren die bekend zijn in het universum, zo suggereren nieuwe berekeningen. Metingen die in de achttien maanden na de uitbarsting werden gedaan aan het lichtspectrum van de supernova en de helderhied van diens nagloed wijzen uit dat de explosie, die omgedoopt werd tot SN 2007bi, het laatste teken van leven was van een ster die minstens honderd keer zo massief moet zijn geweest als de zon. Aangezien dergelijke sterren doorgaans een grote hoeveelheid materiaal verliezen naarmate ze ouder worden, veronderstelt men dat het object na diens geboorte een nog twee keer zo grote massa moet hebben gehad.

sn2006gy

Het is goed mogelijk dat de explosie in kwestie eentje is die alleen teweeggebracht kan worden door sterren die minimaal 140 keer zo zwaar zijn als de zon. Sterren die minder massief zijn vormen doorgaans zwarte gaten of neutronensterren nadat ze hun nucleaire ‘brandstof’ hebben verbruikt. Zwaardere sterren krijgen daar echter de kans niet voor. Naarmate zij het einde van hun leven naderen, zorgt de hoge druk en temperatuur in hun kern ervoor dat energetische fotonen in paren van elektronen en positronen veranderen. Dit proces heeft tot gevolg dat de druk in het inwendige van de ster in een hoog tempo afneemt en de ster op spectaculaire wijze uiteenspat.

Hyperactief sterrenstelsel gevonden aan de rand van het universum

Door elf miljard jaar terug in de tijd te kijken heeft men voor de eerste keer de beweging van sterren in een zeer verafgelegen sterrenstelsel in kaart weten te brengen en is bepaald dat dit met een snelheid van ruim anderhalf miljoen kilometer per uur gebeurt. Dat aantal is twee keer zo groot als de snelheid waarmee de zon door het melkwegstelsel raast. De snelbewegende sterren, welke onder de loep zijn genomen door de ruimtetelescoop Hubble en de 8-meter Gemini South telescoop in Chili, kunnen ons meer vertellen over hoe deze verafgelegen stelsels, die een fractie zijn van de grootte van onze Melkweg, zich ontwikkeld hebben tot de volgroeide sterrenstelsels die we dezer dagen om ons heen zien.

Verste supernova-explosies ooit ontdekt

Kosmologen van de Universiteit van Californië zijn er in geslaagd twee supernovae te ontdekken die verder van ons verwijderd zijn dan alle eerder ontdekte supernovae. De gigantische explosies vonden plaats op de ongelooflijke afstand van elf miljard lichtjaar van ons vandaan, wat betekent dat het vorige record met gemak is verbroken. Om dingen die zich zo ver van ons bevinden waar te nemen, heeft men een nieuwe techniek moeten ontwikkelen.

Nederlands instrument HIFI voor het eerst op de proef gesteld

De eerste tests met het ruimte-instrument HIFI zijn goed verlopen. Volgens HIFI-projectleider Peter Roelfsema van het Nederlands ruimteonderzoeksinstituut SRON functioneert HIFI, die na de succesvolle lancering aan boord van de ruimtetelescoop Herschel eerder deze maand nu op een miljoen kilometer van de aarde is, naar behoren. “We hadden het instrument voor de lancering natuurlijk al aan een serie stevige tests onderworpen, maar het blijft spannend om te zien of wat op aarde goed functioneerde, het in de ruimte ook doet.”

Gesubsidieerde supercomputer moet gegevens Lofar gaan verwerken

Groningse astronomen hebben een subisidie gekregen van 560.000 euro voor de aanschaf en exploitatie van een supercomputer, gebaseerd op grafische kaarten, die wordt ingezet bij de dataverwerking van de nieuwe radiotelescoop Lofar. Het geld is afkomstig van NWO, de Stichting Nationale Computerfaciliteiten NCF, en de Rijksuniversiteit Groningen. Met behulp van de nieuwe technologie, gebaseerd op Graphics Processing Units (GPU’s) die oorspronkelijk zijn ontwikkeld voor de spelcomputerindustrie, kan één van de krachtigste supercomputers ter wereld worden ontwikkeld met een rekenkracht van 100+ Tflops (1014 operaties per seconde). De kosten bedragen slechts een fractie van die van een traditionele supercomputer met vergelijkbare rekenkracht.

Raadselachtige ‘blob’ van gas ontdekt in het vroege universum

Onderzoekers hebben een een primordiale ‘blob’ van gas ontdekt die mogelijk het meest massieve object is dat tot op de dag van vandaag is gevonden in het vroegere universum. De gaswolk, welke op een afstand van ongeveer 12,9 miljard lichtjaar ligt, zou gevormd zijn in die periode waarin de reionisatie van materie in het universum begon, zo’n tweehonderd miljoen tot één miljard jaar nadat de oerknal plaats vond. In dat tijdsbestek werd de periode die bekend staat als de kosmische ‘dark ages’ afgesloten en begon de vorming van sterren en stelsels.

Gewenste radiotelescoop op de maan ‘komt er’

Heino Falcke, hoogleraar Astrodeeltjesfysica en radioastronomie aan de Radboud Universiteit Nijmegen, is ervan overtuigd. Zijn gewenste telescoop op de maan komt er. Deze maand heeft NASA een maaninstituut opgericht om onderzoek vanaf de maan voor te bereiden. En Falcke is erbij betrokken, als enige Europeaan. LUNAR is de naam. Het staat voor Lunar University Node for Astrophysics Research. Dit initiatief van NASA wordt ingevuld door een consortium van toponderzoeksinstituten – waaronder MIT en de Universiteit van Colorado – en ruimtevaartbedrijven.

LUNAR wil de maan gebruiken als platform voor onderzoek naar de zon, voor zwaartekrachtmetingen en voor onderzoek naar de oorsprong van het universum. Falcke wil niet de maan zelf onderzoeken, maar er naar toe om er een radiotelescoop te bouwen. Op de maan is het namelijk veel stiller dan op aarde, waar radioprogramma’s en auto’s de radiosignalen uit de kosmos voor een deel overstemmen. Bovendien filtert de atmosfeer de langste radiogolven uit het signaal. En Falcke wil juist luisteren naar het vertraagde ruisen van de oudste ‘geluiden’ uit het heelal, naar de fragmenten van de eerste periode na de bigbang, de oertijd in het heelal toen er nog geen materie was gevormd.

Aan de stille kant van de maan welteverstaan: de kant die wij nooit zien. Die kant ligt namelijk in de radioschaduw van de aarde. Dit brengt meteen wel een extra probleem met zich mee: de communicatie met de aarde. Of het nu robots of mensen zijn die daar het observatorium bouwen: contact met thuisbasis aarde is cruciaal. Daarom moet er eerst een communicatiesatelliet rond de maan gelanceerd worden.

Problemen genoeg dus nog, en voor het zover is zijn we wel minimaal tien jaar en enige kleine experimenten verder, maar Falcke is optimistisch. “De tijd voor maanexploratie is gunstig. NASA en ESA denken serieus na over een bemand station op de maan. Het doel van die onderneming is niet zozeer fundamenteel wetenschappelijk onderzoek, maar verkenning van wat er allemaal bij komt kijken om buiten de aarde te leven,” aldus de hoogleraar.